Modelspoorbanen tips.

Modelspoorbanen tips.

Als je begint met een spoorbaan is het vaak een ovaal of cirkel. De trein zet je aan en kan eindeloos blijven rijden. Er komt een perron langs de baan die al snel station genoemd wordt.

(“chat GPT) Verschil tussen station en halte

  • Station: Heeft bediende seinen en wissels, waardoor treinen hier van spoor kunnen wisselen, passeren of keren.
  • Halte: Heeft geen wissels of seinen, en is enkel een eenvoudige plek waar reizigers kunnen in- en uitstappen.”

)

 

Met andere woorden, een halte heeft geen wissels en een station hoeft geen reizigers voorzieningen te hebben.

Als we verder gaan met de opbouw van onze modelbaan, komen er vaak voor en voorbij het perron wissels, zodat twee treinen elkaar daar kunnen passeren. De halte langs de vrije baan wordt dan station.

Weer later, als er meer treinen “moeten” rijden, wordt het ovaal, dubbelsporig uitgevoerd en moeten er nog 2 wissels bijkomen. Eén voor en één na het station. Je kan dan komend over het rechterspoor, naar elk station spoor en van elk station spoor weer naar het rechterspoor. (in België van het linker spoor en naar het linker spoor.)(In België rijden ze links.)

Bij de meeste modelbanen gaat het reizigersvervoer, boven het goederen vervoer.  Maar eigenlijk hoor je een modelbaan van een bedrijf naar een afnemersspoor aan te leggen of van een stad naar een stad.  Van een kolenmijn naar een hoogoven of van een haven naar de stad e.d.

Bij goederen sporen komen treinen binnen met de locomotief voorop. Die locomotief wil je ook weer voorop hebben bij vertrek. Je moet nadenken hoe je de locomotief van voor naar achter kan laten gaan.

  • Werken met meerdere locomotieven. Dus de binnenkomende locomotief opgesloten laten staan, tot de trein vertrokken is met een andere locomotief. (Tijdlang in Zandvoort gedaan, in Heerlen en met de Benelux in Brussel-zuid)
  • Een omloopspoor maken aan het einde van het opstelspoor. Daar de locomotief afkoppelen en omrijden.
  • Een omloopspoor en loc opstelspoor. Een spoortje extra waar de locomotieven opgeslagen worden. Al op niet van 2 kanten te benaderen.

Bij reizigerssporen kom je ook al snel met opslagruimte maken te krijgen. Hoe lang moet een opstelspoor zijn?

Een reizigers materieel opstelspoor is de lengte van het langste perron of 2x de lengte van het langste perron. De reizigerstrein moet langs het perron kunnen komen waardoor langere treinen niet wenselijk zijn. 2 Perronsporen kunnen 2 treinen aan en die kunnen op een opstelspoor achter elkaar of naast elkaar staan.

Kan langs het langste perron 11 rijtuigen met 2x locomotief (kop station)? Dan moet je een opstelspoor hebben wat 12 rijtuigen lang is.

Wisselstraat is wat anders dan een straatwissel. Een wisselstraat is een aantal wissels achter elkaar en een straatwissel is een wissel in een weg (straat).

Bij een modelbaan vind je vaak gewoon een lading wissels waarvan sommige zelden gebruikt worden.

Denk bij een sporenplan na hoe je van het ene spoor naar het andere kan.

Wordt er straks ook linker spoor gereden ( dus tegengesteld) dan moet je ook wissels leggen naar en van het linkerspoor.

Snelle treinen op de buitenste sporen en langzame treinen op de binnenste sporen.  Is meteen makkelijk want bij 4 sporig hoef je één perron te maken voor een halte tussen de 4 sporen. Eén lift één trap omhoog.

De goederentreinen rijden over de binnenste sporen, vaak achter een stoptrein aan.

Vaak hebben stations ook doorrijsporen (sporen die niet aan een perron liggen), met hogere snelheid. Leiden met 160 km/h.

Omdat kopmaken met locomotief en rijtuigen, in een station veel problemen gaf is NS gestopt met getrokken treinen.  In Nederland zie je alleen nog een paar internationale treinen met locomotieven.

Peter

Website: http://eenander.eu

Een van mijn hobby's heeft altijd wel met elektronica te maken gehad. Of dat nu met relais of met IC's was maakte niet uit. Andere hobby is lezen. Kwam vroeger goed uit als je iets wilde leren. Nog een hobby was kennis delen, Vanaf de lagere school al de schoolkrant, een sportclub blaadje en voor de hobbyclub een clubblad en nu schrijven voor de website.